Als reactie op de oorlog van agressie van Rusland tegen Oekraïne heeft de Europese Unie een reeks sancties opgelegd die verschillende sectoren treffen, waaronder juridische diensten. Deze sancties verbieden advocaten in de EU over het algemeen om juridische diensten te verlenen aan de Russische regering en aan juridische entiteiten, organisaties of instellingen die in Rusland zijn gevestigd. Dit verbod betreft met name advies over commerciële en civielrechtelijke zaken die niet in verband staan met gerechtelijke procedures. Er zijn echter belangrijke uitzonderingen, vooral als het gaat om de bescherming van fundamentele rechten.
In recente uitspraken van het Gerecht van de Europese Unie (T‑797/22, T‑798/22 en T‑828/22) werd verduidelijkt dat deze sancties het recht van Russische individuen om juridisch advies in te winnen niet beperken. Het gerecht oordeelde dat Russische burgers die betrokken zijn bij lopende of verwachte juridische geschillen het recht behouden om vertegenwoordiging en juridisch advies van EU-advocaten te ontvangen. Dit recht wordt beschermd door artikel 47 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie (Handvest), dat toegang tot de rechter en effectieve rechtsbescherming garandeert.










