Een nieuw tijdperk in de bestrijding van cybercriminaliteit: Aan het begin van het internettijdperk liep het internationale strafrecht ver achter op de realiteit van grensoverschrijdende cybercriminaliteit. De goedkeuring van het Verdrag van Boedapest inzake cybercriminaliteit in 2001 was een mijlpaal: voor het eerst verbonden staten zich aan een gemeenschappelijk kader voor de strafbaarstelling van cyberdelicten, met harmonisatie van opsporingsbevoegdheden en grensoverschrijdende samenwerking.
Maar dit Europese model – diepgeworteld in liberale waarden – is inmiddels uitgegroeid tot een geopolitieke breuklijn. In 2024 werd, na jaren van diplomatiek getouwtrek, door de Verenigde Naties een nieuw wereldwijd cybercrimeverdrag aangenomen. Dat verdrag pretendeert inclusiever en moderner te zijn, maar roept juist grote zorgen op over surveillance, mensenrechten en de opkomst van autoritaire cybersoevereiniteit.










